HET DORP NIEUW-LOOSDRECHT.

NIEUW-LOOSDRECHT, dat geheel in groen geboomt gelegen,

Het oog des wandlaars, door natuurlijk schoon verrukt,

Biedt zijn bewooneren nogthans geen ruimen zegen,

Daar ’t algemeen verval het zeer gevoelig drukt.

Zeer verdeeld zijn de keuzen der vreemdelingen en ook der bewooneren

wegens de aangenaamheid der beide Loosdrechten; deezen houden de Nieuwe

anderen de Oude voor aangenaamer; voor ons, wij zouden voor de Nieuwe

zijn, wat de vertooning over het geheel betreft; doch in de Oude zijn

meer goede huizen, ook liggen er verscheidene buitenplaatsen in die in

de Nieuwe niet voorhanden zijn, gelijk wij onder onze beschrijving van

de Oude Loosdrecht reeds gezegd hebben.

De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8) · 第 429 / 455 题