STICHTING EN GROOTTE.

Wat het eerste gedeelte van dit artijkel, de stichting naamlijk,

betreft, daaromtrent is wederom niets met volkomen zekerheid te zeggen,

waarschijnelijk zoude het kunnen genoemd worden, zo men stelde dat de

gunstige gelegenheid tot de turfmaakerij hier eenige lieden heen

getrokken, en het wèl slaagen van hunne onderneeming weldra navolgers

verschaft zal hebben.

Wat aangaat de grootte van Waverveen, daarvan leezen wij in den

tegenwoordigen staat van Holland het volgende: „In de oude quohieren

stond het begroot op 268 morgen, 100 roeden lands, en in de nieuwe

vinden wij de landen verminderd op 114 morgen, 450 roeden: maar het

getal der huizen is, in de lijst van den jaare 1732 niet afgenomen,

waarin 93 nommers werden aangetekend; honderd jaaren te vooren werd het

op 85 huizen, doch, thans op 58, begroot:” zij zijn niet onvermaaklijk

op hunne erven gelegen, en op sommige plaatsen, nog al aangenaam in het

geboomte; ook vertoonen zij zig allen als vrij wèl onderhouden: zij

liggen ter wederzijde van een’ eenigzins smallen weg, (den Veendijk,)

langs iedere zijde van welken een sloot loopt, die aan de eene zijde

smal, doch aan de Kerk-zijde, (de Veenwatering genaamd,) zo breed is

dat dezelve met turfeikers bevaaren kan worden, alwaarom ook voor

iedere werf een gewoone draaibrug ligt: vóór de werf waarop de Kerk

staat is een net wipbrugjen, over ’t welk men naar de Kerk gaat, en dat

wijd genoeg is, om er met de voornoemde schepen onderdoor te kunnen

vaaren: men vindt te Waverveen hier en daar nog al een buitenverblijf,

die echter den naam van hoven niet kunnen draagen.

Het gezegde getal huizen wordt bewoond door 240 menschen, (de kinderen

daaronder begrepen:) van deeze bewooneren zijn bijna 110 van den

Gereformeerden Godsdienst, de overigen zijn meest allen Roomsch.

De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8) · 第 153 / 455 题