BIJZONDERHEDEN

Betreft, geheel Amsteldam verdient den naam van bijzonderheid, het geen

den vreemdeling, zo hij kan zeggen de stad gezien te hebben, gereedlijk

zal toestemmen: intusschen kunnen wij niet nalaaten het reeds gemelde

gebouw der aanzienlijke Maatschappij Felix Meritis hier te noemen, als

een kunsttempel van bijzondere lieden die de bewondering van de

ervarenste reizigers en bouwkunstenaaren wegdraagt: deeze loflijke

maatschappij, die boven alle anderen in het kunstkweekend Amsteldam

uitmunt, heeft haaren aanvang genomen in 1777, op de Lelijgracht;

vervolgends is zij verplaatst op de Flueele burgwal, bij de Illustre

school, en sedert November 1788, in haar nieuw en reeds beroemd gebouw

op de Keizersgracht, ’t welk zig thans in al deszelfs luister voor

onzen geest vertoont, en dat wij gaarne breedvoeriger zouden

beschrijven, alzo ’t zulks overwaardig genoemd mag worden; dan, niet

alleen verbiedt ons bestek ons hetzelve; maar ook zouden wij andere

Maatschappijen, even nuttig in haare inrichting, en in de daad nuttiger

in haare uitwerkselen, ofschoon niet zo prachtig gehuist, daardoor

schijnen te vernederen; wenschlijk ware het dat de uitwerkselen van de

Maatschappij Felix Meritis zo verre boven die van andere Maatschappijen

in Amsteldam verheven ware, als haar gebouw boven die van de bedoelde

Maatschappijen uitmunt, dan zeker zoude het prachtige gebouw nog meer

uitzondering verdienen; zo veel zij er dan van gezegd, dat het allezins

trotsch en kundig is aangelegd: de concertzaal onder anderen met

uitzondering, men getuigt van deeze dat zij in geheel Europa haare

weêrgaê niet heeft.

Den 31 October des laatstgemelde jaars (1788) wierd het gebouw

ingewijd, in gezegde concertzaal, door den Hoogleeraar Van Swinden, met

eene fraaje redevoering, en een overheerelijk expres daartoe

vervaardigd muzijk, ’t welk door een ongemeen sterk corps van de

voornaamste muzijkmeesters werd uitgevoerd: dan, daar intusschen de

concertzaal, hoe ruim ook, niet ruim genoeg was, om alle de Heeren

leden met hunne Dames te bevangen, werden ten gemelden dage de Heeren

alleen genodigd, en ten volgenden dage, (den 1 November,) werd de

inwijding, (met eenige toepasselijke verandering,) voor de Dames alleen

herhaald.

De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8) · 第 48 / 455 题