TOT DE AANSCHOUWERS VAN DEES WARANDE.

Koomt vrij schouwen dese Beemd,

Ziet, hoe wonderlijk en vreemd,

Dat de dierkens t' zamen leven:

Hoe de trotsche leeuwe bralt,

't Reyntjen[2] loos in strikken valt,

Hoe 't schaap voor de wolf moet beven.

Waar den mensche in wordt geleerd,

Hoe des werelds hoogheid keert;

Hoe zich ieder heeft te dragen:

't Zij tot eerbaarheid en deugd,

't Zij tot tegenspoed of vreugd,

Wilt dat hier de beestjens vragen.

De complete werken van Joost van Vondel. Vorstelijke warande der dieren · 第 7 / 258 题