De Alexandria Gazette van den 29sten November 1852, met het vignet der
vrijheid, die een tiran vertrapt, en tot motto, "sic semper tyrannis"
bevat het volgende:
Vijf en twintig dollars belooning.
Weggeloopen van den ondergeteekende in Rappahannock County,
op Dingsdag jl., Daniel, een mooije mulat, omstreeks 5 voet, 8
duim lang, omstreeks 35 jaar, zeer verstandig; hij was gedurende
een aantal jaren koetsier en is vrij goed bekend van Richmond
tot Alexandria. Hij noemt zich Daniel Turner; zijn hair krult,
zonder wollig te zijn, hij heeft een likteeken op de wang
en zijn linkerhand is erg bezeerd door een pistoolschot; hij
was schraaltjes gekleed toen men hem het laatst zag. Ik zal de
bovenstaande belooning geven, als hij buiten dit graafschap gevat
en in de gevangenis gebragt wordt, of 10 dollars, als hij binnen
dit graafschap wordt gegrepen.
Rappahannock Co., Virginia, 29 November. A. M. Willis.
Al weder een "zeer verstandig man" met krulhaar. Wie was zijn vader?
De New Orleans Daily Crescent, kantoor No. 93. St. Charlesstreet;
Dingsdag morgen, 13 December 1852.
In de gevangenis van dit district gebragt:
Nancy, ongeveer 34 jaar oud, 5 voet, 1 3/4 duim lang, een likteeken
in de linker borst en voorgevende aan Mad. Wolf te behooren.
Karel Hall, een zwarte, omstreeks 15 jaar oud, 5 voet, 6 duim lang;
geeft voor vrij te zijn, maar is vermoedelijk een slaaf.
Philomonia, eene mulattin, 10 jaar oud, 4 voet, 3 duim lang;
zij zegt dat zij vrij is, maar men vermoedt dat zij eene slavin is.
Columbus, omtrent 21 jaar oud, 5 voet, 5 3/4 duim; geeft voor
vrij te zijn, maar is vermoedelijk een slaaf.
Seymour, een zwarte, omstreeks 21 jaar, 5 voet, 1 3/4 duim;
geeft voor vrij te zijn, maar is vermoedelijk een slaaf.
De eigenaars zullen de goedheid hebben, met hen overeenkomstig
de wet te handelen.
New Orleans, 14 Dec. 1852. J. Worrall, Warden.
Welk een vooruitzigt voor deze arme schepselen, die voorgeven vrij
te zijn?
Vijftig dollars belooning.
Weggeloopen van den ondergeteekende, te Unionville, Frederik
County, op Zondag morgen, den 17den dezer, een donker
mulatten-meisje, van 18 jaar, 5 voet, 4 à 5 duim lang, van een
nog al bevallig uiterlijk, zeer vlug sprekende, vrij goed iemand
kunnende onderhouden en ervaren in het lezen. Men denkt dat zij
eene roode merinos japon, zwarten doek en een purperen muts droeg,
daar deze zaken vermist worden.
Eene belooning van vijf en twintig dollars zal voor haar worden
betaald, als zij binnen den Staat gevat, of vijftig dollars,
zoo zij elders achterhaald en in eene gevangenis gezet wordt,
zoodat ik haar terug kan krijgen.