Tweede Druk.
=Prijs in prachtband f 2.90=.
door H. TH. CHAPPUIS en A. H. P. BLAAUW.
Het beste werk in onze taal over den grooten keizer is dat van den
overste H. Th. Chappuis. Het is waarlijk een standaardwerk, dat de
Napoleontische reuzenfiguur inderdaad op de meest voortreffelijke
wijze schetst. Er is van dit werk thans bij de gebroeders Kluitman te
Alkmaar in fraaie uitgave een tweede geheel omgewerkte druk verschenen,
waaraan de heer A. H. P. Blaauw, leeraar in de geschiedenis aan de
Cadettenschool te Alkmaar zijn medewerking heeft verleend. Met genoegen
maken wij van deze uitgave melding.
_Rotterdamsch Nieuwsblad._
Het groote Napoleon-boek van Generaal Chappuis, met 32 platen,
een boek voor de groote jongens over den grooten man, historisch
wèl-gedocumenteerd en voorzien van kaarten en plattegronden: Wagram,
Waterloo, is, omgewerkt door den samensteller, met behulp van den
leeraar in de geschiedenis aan de Alkmaarsche cadettenschool A. H. P.
Blaauw, in tweeden druk verschenen bij Gebr. Kluitman te Alkmaar.
Uiterlijke zoowel als innerlijke verzorging zijn den prijs waard.
_Alg. Handelsblad._
Van dit voortreffelijke boek is eene tweede druk verschenen, met
platen naar oorspronkelijke schilderijen. De heer Blaauw, leeraar aan
de Cadettenschool te Alkmaar, heeft het werk van den heer Chappuis,
toen deze bezweek, overgenomen. De tweede druk is aldus omgewerkt en
verbeterd en tot een standaardwerk geworden.
_Prov. Groninger Courant._
+--------------------------------------------+
| |
| OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: |
| |
| De volgende correcties zijn in de tekst |
| aangebracht: |
| |
| Bron (B:) -- Correctie (C:) |
| |
| B: stem van mijnheer de Celles. En |
| C: stem van mijnheer De Celles. En |
| B: Maar mijnheer de Celles zei: |
| C: Maar mijnheer De Celles zei: |
| B: »Ja, ja," gronnikte Ep, |
| C: »Ja, ja," grinnikte Ep, |
| B: trots van de huisvouw! Maar |
| C: trots van de huisvrouw! Maar |
| B: Nu geen woord spreken," |
| C: »Nu geen woord spreken," |
| B: Laat je plat op den |
| C: »Laat je plat op den |
| B: En je neef?" |
| C: »En je neef?" |
| B: dan ook aan behalve Willem |
| C: dan ook aan, behalve Willem |
| B: gendarmen het ondezoekweer voort; |
| C: gendarmen het onderzoek weer voort; |
| B: en daar is hij hij hem dankbaar |
| C: en daar is hij hem dankbaar |
| B: En niettemin, ging hij voort |
| C: En niettemin," ging hij voort |
| B: die onmiddelijk dood voorover |
| C: die onmiddellijk dood voorover |
| B: uit van de Pyreneëen tot de |
| C: uit van de Pyreneeën tot de |
| B: riep Bruno, die is |
| C: riep Bruno, »die is |
| B: onaangenaan had getroffen. |
| C: onaangenaam had getroffen. |
| B: vervolledigde Bert weer, en nog |
| C: vervolledigde Bert weer, »en nog |
| B: garde, de ordonnence-officieren en |
| C: garde, de ordonnance-officieren en |
| B: krachtig: _Vive 'l Empereur!_ |
| C: krachtig: _Vive l' Empereur!_ |
| B: van verschillende burgelijke |
| C: van verschillende burgerlijke |
| B: Oliebollen!... O, heerlijk, |
| C: »Oliebollen!... O, heerlijk, |
| B: Maar na ook verder niet astig |
| C: Maar nu ook verder niet lastig |
| B: gelukkiger zijn we dan niet!" |
| C: gelukkiger zijn we dan niet! |
| B: wat droevige oudejaarsavond vrouw |
| C: wat droevige Oudejaarsavond vrouw |
| B: vernield. |
| C: vernield." |
| B: min plaats meer." zei |
| C: min plaats meer," zei |
| B: mosselmeid, denk je dat |
| C: mosselmeid, »denk je dat |
| B: door den knotslag van het noodlot |
| C: door den knotsslag van het noodlot |
| B: Het zeggen i,s dat |
| C: Het zeggen is, dat |
| B: beleefd hadden! De goede uitslag |
| C: beleefd hadden!" De goede uitslag |
| B: die blôohartig de kogels |
| C: die bloôhartig de kogels |
| B: Jabob Stargardt tegenover zijn |
| C: Jakob Stargardt tegenover zijn |
| B: maar een wachmeester duëlleert |
| C: maar een wachtmeester duëlleert |
| B: tot vereffening kunnen komen," |
| C: tot vereffening kunnen komen." |
| B: Dat zal ik je beiden inpeperen!" |
| C: »Dat zal ik je beiden inpeperen!" |
| B: regiment over geplaatst. |
| C: regiment overgeplaatst. |
| B: treffenste zinnebeeld was. |
| C: treffendste zinnebeeld was. |
| B: namen zij uitgeplozen touw. |
| C: namen zij uitgeplozen touw." |
| B: wraak te kunnen uitoefenen. |
| C: wraak te kunnen uitoefenen." |
| B: ze hun hondersten verjaardag |
| C: ze hun honderdsten verjaardag |
| B: korporaal,--maar we konden |
| C: korporaal,--»maar we konden |
| B: vroeg de onde wachtmeester. |
| C: vroeg de oude wachtmeester. |
| B: toch tegen hem? vroeg een fourier, |
| C: toch tegen hem?" vroeg een fourier, |
| B: Wij zullen zien, mijneheeren. |
| C: »Wij zullen zien, mijneheeren." |
| B: niet uit het oog zou verliezen." |
| C: niet uit het oog zou verliezen." |
| B: »Ga er weer heen, beveelt hij, |
| C: »Ga er weer heen," beveelt hij, |
| B: verlaten hehben, evenals |
| C: verlaten hebben, evenals |
| B: voorbijgetrokken, |
| C: voorbijgetrokken. |
| B: de tafel liggen,.. Geen |
| C: de tafel liggen... Geen |
| B: Hemel, hoe komt die doos |
| C: »Hemel, hoe komt die doos |
| B: een der soldaten. We moeten |
| C: een der soldaten. »We moeten |
| B: aanhoudend daarheen flitsten. |
| C: aanhoudend doorheen flitsten. |
| B: Siberiê. Hun eten gebruikten |
| C: Siberië. Hun eten gebruikten |
| B: voor tien frans samen; |
| C: voor tien francs samen; |
| B: te Kaluga te zijn |
| C: te Kaluga te zijn. |
| B: bij Malo-Jaroslawetz slaags |
| C: bij Malo-Jaroslawitz slaags |
| B: Hm!.... zèker,--neen, |
| C: »Hm!.... zèker,--neen, |
| B: heel zijn honding was die |
| C: heel zijn houding was die |
| B: met zwakke stem »en |
| C: met zwakke stem, »en |
| B: had men de voorraadswagens, welke |
| C: had men de voorraadwagens, welke |
| B: onkomen. |
| C: omkomen. |
| B: zei Jabob, zich weer |
| C: zei Jakob, zich weer |
| B: Napoleons's leger zooveel mogelijk |
| C: Napoleon's leger zooveel mogelijk |
| B: de bodem van iedere ravijn bleek |
| C: de bodem van ieder ravijn bleek |
| B: Franschen: vijfduizen soldaten, |
| C: Franschen: vijfduizend soldaten, |
| B: Tegen over tachtigduizend man |
| C: Tegenover tachtigduizend man |
| B: kanonnen en de bage was verloren; |
| C: kanonnen en de bagag ewas verloren; |
| B: dat het dichts bij den Dnieper |
| C: dat het dichtst bij den Dnieper |
| B: en zonder Jacob Stargardt en zijn |
| C: en zonder Jakob Stargardt en zijn |
| B: Stargardt en de zijnen het ganstig |
| C: Stargardt en de zijnen het gunstig |
| B: klappertandde van kôu en zijn natte |
| C: klappertandde van koû en zijn natte |
| B: nacht van den 18en December |
| C: nacht van den 18den December |
| B: drietal te Kowo. Dit was |
| C: drietal te Kowno. Dit was |
| B: kom!... zegt Jakob; |
| C: kom!..." zegt Jakob; |
| B: troosten, zeggend, dat zij toch |
| C: troosten, zeggend, »dat zij toch |
| B: 'd honneur_ op, bestaande |
| C: d'honneur_ op, bestaande |
| B: Als jullie in 's hemelsnaam |
| C: »Als jullie in 's hemelsnaam |
| B: _die_ nu toch beginnen? |
| C: _die_ nu toch beginnen?" |
| B: Daar hèb je zoo'n afzetterskrot!" |
| C: »Daar hèb je zoo'n afzetterskrot!" |
| B: mee," zei Jakob »door |
| C: mee," zei Jakob, »door |
| B: vocht hem hij den hals |
| C: vocht hem bij den hals |
| B: scherven.--Vooruit, jongens!" |
| C: scherven.--»Vooruit, jongens!" |
| B: blijft stand houden,----»Niet wijken, |
| C: blijft stand houden.----»Niet wijken, |
| B: rondgevoerd. Ten slottte had |
| C: rondgevoerd. Ten slotte had |
| B: veel te goed. om zoo'n |
| C: veel te goed, om zoo'n |
| B: zoo ter neder slaan. Gelukkig |
| C: zou ter neder slaan. Gelukkig |
| B: oorlogschip in een pink |
| C: oorlogsschip in een pink |
| B: de schrijftrant levendlg en boeiend. |
| C: de schrijftrant levendig en boeiend. |
| B: geslaagd de belanstelling van haar |
| C: geslaagd de belangstelling van haar |
| |
+--------------------------------------------+