Met den oorspronkelijken vervaardiger worden gelijkgesteld:
a. uitgevers en andere ondernemers van verzamelingen van in art. 1
bedoelde kunstwerken, bijeengebracht door bijdragen van onderscheidene
kunstenaars, ten opzichte van die verzamelingen;
b. openbare instellingen, vereenigingen, stichtingen en vennootschappen
ten opzichte van de door hunne zorg openbaar gemaakte kunstwerken.
Bij verzamelingen onder a bedoeld, behoudt echter ieder mede-arbeider
het auteursrecht op de door hem geleverde bijdrage afzonderlijk,
voor zoover niet het tegendeel is bedongen.
Ten aanzien van de onder a en b van dit artikel vermelde rechthebbenden
blijft het tweede lid van art. 9 dezer wet buiten toepassing.