O LIEFSTE JESU ZOET

Ik wil mij gansch u geven nu,

o liefste Jesu zoet,

den loop van al mijn leven u

mijn herte en mijn gemoed.

Aanveerd dat herte en 't uwe zij

o Jesu ook gegeven mij

verwisseling van liefde doet

met mij o Jesu zoet.

'k Beminne u uit der maten zeer,

o liefste Jesu zoet.

Gij zegt dat ik u volgen, Heer

en u beminnen moet,

ik vrage u dan, o Jesu kind,

die kinderherten meest bemint,

dat gij mij 't alderhoogste goed

in u beminnen doet.

Van herten zijn wij één voortaan,

o liefste Jesu zoet,

ik wil door alle smerten gaan,

door allen tegenspoed

en sterven zal ik onversaagd,

zoo Gij mij in uw herte draagt

en nimmermeer daaruit en doet,

o Jesu, Jesu zoet.

Laatste verzen · 第 139 / 155 题