DE VII WEE'N.

De heilige Vrouwen, de vrienden ons Heeren:

o Moeder van die lange en leede en scherpe zieledolken,

die 't spreken van één woord u in de zijde bracht,

geheugt u nog die nacht,

als de Engelen, in de wolken,

geboren in uw' schoot, aanbaden hem,

onzalig moederherte,--o Zalig Bethlehem!--

daar nu ligt, ontlijfd?--o Moeder van veel smerten,

Maria, hadt gij meer als één, als honderd herten,

in ieder zou, doordoornd, doorgeeseld en doorgaan,

het zevenhandig zweerd van uwe droefheid staan!

o Moeder, bidt voor ons,--daar bij den boom gezeten,--

die einde aan uwe smerte, aan uwe liefde en weten!

o Moeder, bidt voor ons, die Jezus' Moeder zijt

en onze Moeder nu,--nu--bidt voor ons--altijd...!

Laatste verzen · 第 42 / 155 题