SIMOEN VAN CYRENEN.

De vrienden ons Heeren:

Simoen, van Cyrenen

nooit en zal 't verdwenen,

nooit en zal 't verloren gaan,

't geen gij hebt om God gedaan.

Simoen, van Cyrenen,

Jesus is verschenen:

't eigen volk en kent hem niet:

vreemdeling, gij, hulp' hem biedt!

Simoen, van Cyrenen,

op de scherpe schenen

stoot hij, van de rotsen, aan:

Simoen, wilt hem bij gaan staan!

Simoen, van Cyrenen,

dragende gaan wij henen,

't galgenhout met u; en hem

volgen wij, dóór Jerusalem.

Laatste verzen · 第 26 / 155 题