d’ander werden verschoten zullen naer rata van t’geen elck inde zelve
Compaignie zijn participerende betaelt ende opde generale vergaderinge
van tydt tot tydt verrekent ende geexamineert worden.
Alle welcke poincten ende articlen Wy onderschreven Gecommitteerde vande
respective Cameren hiervoren gementionneert beloven punctuelycken naer
te commen ende tonderhouden In oorconde desen onderteeckent den XIX^{en}
Martio XVI^{c} seventhien In S’Gravenhaghe, (Ende was onderteeckent,)
Coymans over de Camer van Amsterdam, Nicasius Kien voorde camer van
Delft, Willem van Someren over Hoorn, J. S. Blauhulck van wegen de Camer
tot Enchuysen, Joris Joosten Vlaminck wegen de camer van Rotterdam,
Pieter Courten weghen de Camer van Middelborch, Jan Lampsius weghen
Vlissinghen, Jan Ghysel. weghen Vlissinghen, Pieter Courte wegen de
Camer der Veer als speciael gelast van Jan van Marivoorden,
mij present
C. van Geldre notarius publicus[1384].
[1384] Naar een afschrift in de verzameling: Noordsche togten. 4.
Loopende N. C. R.-A.
BIJLAGE XXII.
ALPHABETISCHE LIJST van plaatsnamen op Spitsbergen, die verkeerd
geplaatst of gespeld zijn of waarover iets anders valt op te
merken[1385].
[1385] Mijn doel met deze lijst is de grenzenlooze verwarring, die
in de nomenclatuur der Spitsbergsche plaatsen heerscht, eenigszins
te verminderen. De plaatsen zijn dikwijls dooreengehaspeld, de
spelling vooral van Nederlandsche namen meestal onherkenbaar. En
bovendien zijn bijna nergens de oudste Engelsche, soms Nederlandsche
namen op de kaarten aangeteekend. Ik heb beproefd daarin eenige
verbetering te brengen, al ontveins ik mij niet, dat deze proeve nog
allergebrekkigst is. Maar daar ik eenige vrij onbekende oude
Nederlandsche kaarten zag en door mijne studiën over het onderwerp
allicht ~iets~ beter over de juiste plaatsing der namen kan
oordeelen dan anderen, meende ik toch te moeten geven wat ik
kon.--Met de „Krt. Petermann”, „Krt. Purchas”, „Krt. Zorgdrager”,
„Krt. Carolus. R.-A.”, „Krt. Begin en Voortgang”, „Krt. Scoresby” en
„Krt. Hist. de Sp.” bedoel ik de kaarten van Spitsbergen,
voorkomende in Petermanns „Spitzbergen und die arktische
Centralregion”, Purchas „his Pilgrimes”, Zorgdragers „Groenlandsche
visscherij”, Carolus’ „Nieuw vermeerde Licht der Zeevaert”, „Begin
en Voortgang der Geoctr. O.-I. C. (1646)”, Scoresbys „Account of the
arctic regions” en Hessel Gerritsz.’ „Histoire du pays nomme
Spitsberghe”. De „Krt. Lindeman” is het op de kaart in Lindemans
„Arktische Fischerei der Deutschen Seestädte” voorkomende carton van
Spitsbergens noordwesthoek, de „Krt. 1634. R.-A.” een schetsje van
Spitsbergen, door Michiel Jansz. Middelhoven in 1634 voor de N. C.
vervaardigd als bijlage bij hare memorie ter wederlegging van
Vrolicqs pretensie. De „Krt. v. Keulen” is bekend, de „MS. krt.
atlas van Keulen” is echter een zeer groote geteekende kaart van
Spitsbergens noordwesthoek in het bezit van den heer Frederik Muller
te Amsterdam. Met de „krt. Blaeu” duid ik een carton aan, dat zich
op een zeer oude op een vel perkament in plano gedrukte kaart van
Europa door W. Jsz. Blaeu in het bezit van denzelfden heer, bevindt.
De werken van Berghaus, Martens, Wassenaer, Van der Brugge en
Aitzema zijn in den tekst meermalen vermeld en behoeven dus geene
nadere aanduiding.