Ga nu weg van mij,--ik wil verder zwijgen."

--"Zwijg nog niet," smeekte Wodan, "zeg mij toch alles. Wie van de

wezens der wereld zal om Balders dood niet willen weenen,--wie zal

onbewogen heffen het stugge hoofd?"

De waarzegster antwoordde:

--"Weet gij, dat een van de wezens der wereld niet wil weenen, maar

onbewogen heffen zal het stugge hoofd? Dan zijt gij niet Wegendoler,

zooals ik dacht,--dan zijt gij Wodan, de machtige God!" Toen zeide

Wodan:

--"Als gij niet zeggen kunt wie niet wil weenen, dan zijt gij niet

waarzegster en wijze vrouw. Dan zijt ge veeleer de wintermoeder der

drie Nornen, wier bron bevriest."

En de waarzegster sprak:

--"Wodan, ga heen, en wees Overwinnaar. Nimmer zal een man mij weer

naderen, totdat Loge, losgemaakt uit al zijn banden, den ondergang

van de goden brengt."

De Edda · 第 23 / 42 题