De ingenieur en zijne metgezellen lieten geen tijd verloren gaan. Ford
hield er zich mee bezig, den ballon te voorzien van levensmiddelen en
van de instrumenten, die voor eene luchtreis noodig waren; James hielp
hem daarbij; wat Gromski aangaat, deze maakte zijn luchtballon voor
de reis gereed en dacht er over na, hoe hij dien naar kaap Hoorn zou
overbrengen en hem aldaar opnieuw met waterstofgas vullen. Het doel van
den tocht werd tot op het laatste oogenblik geheim gehouden. Gromski
deed stappen om zijne uitvinding niet verloren te doen gaan, ingeval
de tocht eens slecht mocht afloopen. Hij zond aanzoeken tot het
verkrijgen van octrooi naar de voornaamste landen van Europa en liet
in zijn bureau de uitgewerkte plannen der verschillende gedeelten
van zijn ballon achter. In één woord, hij handelde als iemand, die
weinig hoop heeft om terug te keeren.
Ford regelde insgelijks zijne zaken, zooals hij altijd deed, wanneer
hij een gevaarlijken tocht ging ondernemen. Alleen James, die niets
bezat, maakte ook geenerlei beschikkingen.
"Het is maar het beste, ongetrouwd te zijn en niets te bezitten,"
beweerde hij. "Men kan dan sterven zonder iemand in ongelegenheid
te brengen."
Maar de kloeke stuurman hielp den ingenieur en Ford daarom met des te
meer ijver; hij begaf zich met dezen naar de verschillende winkels en
bracht van daar blikken met ingemaakte groenten en visch, kleederen
en werktuigen mede; hij had slechts één wensch, zoo spoedig mogelijk
te vertrekken.
Twee weken na hunne aankomst te Chicago waren bijna alle aankoopen
reeds gedaan. Wat het overige, de watervaatjes, de ballons met
zwavelzuur, het ijzervijlsel en andere onmisbare dingen aangaat,
men besloot, zich een en ander eerst te New-York aan te schaffen.
Op den 20sten October begaf Ford zich daarheen om een stoomschip
te zoeken, dat er zich mee zou moeten belasten, het drietal mannen
met hun ballon naar kaap Hoorn over te brengen of althans naar eene
plaats in de nabijheid daarvan. Maar daar geen der stoomschepen,
tusschen New-York en Australië varende, zich daarmee kon belasten,
was de kapitein wel genoodzaakt, een stoomschip bepaaldelijk tot hun
gebruik af te huren, dat in tien dagen klaar moest zijn.
Gedurende dezen tijd hield de ingenieur er zich mee bezig, aan
den ballon een volkomen evenwicht te geven en eenige werktuigen
te vervaardigen, die gedurende de reis gewichtige diensten zouden
kunnen bewijzen.
Zijne vindingrijkheid in dit opzicht was verwonderlijk. Wat bij
Ford vooral in den smaak viel, was een toestel om de snelheid van
den ballon te bepalen. Wat de ingenieur het wateranker noemde, was
doodeenvoudig een zak, van eene ondoordringbare stof vervaardigd en
aan een touw bevestigd. Als deze zak uit het schuitje in zee geworpen
werd, zou hij zich met water vullen, en dan zou de zwaarte van het
water den luchtballon op eene bepaalde plaats doen blijven. Op deze
manier kon men, ingeval van tegenwinden gemakkelijk halt houden.
Volgens de berekeningen van Gromski had de ballon, als hij met
zuiver waterstofgas gevuld was, een totaal opstijgingsvermogen van
3800 kilogrammen; men moest zich van dat vermogen zoo goed mogelijk
bedienen. Het werd voor een groot gedeelte verminderd door het gewicht
van den luchtballon zelf met zijn schuitje en toebehooren.
"Dat alles is prachtig," zeide Ford, aan wien de ingenieur zijne
berekeningen in cijfers had voorgelegd; "maar ik weet nog niet, hoe
ge uw ballon in evenwicht zult kunnen houden. Het verlies van 800
kilogrammen benzine, die we per dag noodig zullen hebben om stoom te
verkrijgen, en de vermindering van het gewicht der levensmiddelen
zullen hem al spoedig veel lichter maken dan de lucht, die hem
omgeeft. Ge zult dus, om het evenwicht te behouden, eene zekere
hoeveelheid gas moeten laten ontsnappen."
"Dat is ook zoo," antwoordde de ingenieur; "maar denk niet, dat
deze aanzienlijke hoeveelheid waterstofgas geheel verloren gaat;
neen, we zullen die gebruiken om den stoomketel te verwarmen. Op die
manier kunnen we steeds het evenwicht bewaren met betrekking tot de
omringende lucht."
De ingenieur had dus alles op eene uitstekende manier geregeld.
En Ford wist niet de minste aanmerking op zijne berekeningen te maken.
Op den 28sten verzond men den luchtballon, zorgvuldig ingepakt,
naar New-York, waar een stoomschip dien reeds wachtte.
Op den 1sten November scheepten de drie reisgenooten zich op het
stoomschip in, en men besloot, over drie dagen te vertrekken.
Nu eerst kwam de tijding omtrent den voorgenomen tocht ter oore van
het publiek.
De dagbladen van den 2den November--en aan hun hoofd de New-York
Herald en de World--namen in hunne kolommen lange artikelen over
den tocht der stoutmoedige luchtreizigers op, vergezeld van de meest
verschillende opmerkingen.
Men bewonderde deze stoutmoedige onderneming, maar voorspelde daaraan
niet het minste succes.
Men sprak over den ingenieur en zijne metgezellen als over mannen,
die tot een onvermijdelijken dood gedoemd waren.
Op den dag vóór het vertrek kreeg Gromski van verscheidene menschen
bezoek; het waren voor het meerendeel industrieelen, die zich alle
mogelijke moeite gaven om hem op zijn besluit te doen terugkomen, om
hem van dit dwaze plan af te brengen, en die hem tegelijkertijd uiterst
voordeelige voorwaarden voor den aankoop van zijne uitvinding stelden.
In het avondnummer van den Herald vond Ford een artikel, waarin al
de bezwaren der onderneming en alle gevaren, waaraan onze helden zich
blootstelden, werden opgesomd. Het was van den volgenden inhoud:
"Den reusachtigen Zuidpooloceaan en het zuidelijke vasteland, waarvan
niemand iets zekers weet, te willen oversteken, is dit niet het plan
van een krankzinnige? Wij houden den heer Gromski, kapitein Ford en
den stuurman James, die hen vergezelt, nu wel niet voor krankzinnigen,
maar geen hunner schijnt toch een oogenblik nagedacht te hebben over
de vraag, of zulk een reis wel mogelijk is. De ingenieur rekent op
den Noordenwind, die in de hoogere luchtlagen naar de Zuidpool zou
waaien. Maar waar zijn de bewijzen, dat er zulk een luchtstroom in
werkelijkheid bestaat? Dit is slechts eene onderstelling, die op
geenerlei bepaald feit gebouwd is.
"Maar bovendien, al bestond er ook zulk een wind, zou deze
den luchtballon dan met volkomen zekerheid naar de Zuidpool
overbrengen? Blijkbaar niet.
"De luchtballon zal zonder twijfel van de vastgestelde richting
afwijken, en het is onmogelijk, die afwijking ook maar bij
benadering te bepalen. En dan? Laat ons eens aannemen, dat het aan
de stoutmoedige luchtreizigers eindelijk gelukt, de Zuidpool te
bereiken, hoe zullen zij daarvan dan terugkeeren, als de ballon--en
dat verklaart de ingenieur zelf--het gas slechts gedurende twintig
dagen kan inhouden? Mijnheer Gromski rekent, gelooven wij, voor de
terugkomst niet op den kouden Zuidenwind, noch op zijne machine,
die slechts gedurende een enkelen dag kan werken. De reizigers
zullen dus genoodzaakt zijn, gunstige winden af te wachten
en herhaalde malen halt te houden; het gas zal inmiddels uit den
ballon ontsnappen. Eindelijk zullen wij maar geen rekening houden met
andere noodlottige omstandigheden, zooals bijvoorbeeld het gebrek aan
water en aan levensmiddelen, de vermindering van den luchtballon in
deugdelijkheid, de stormen enz. Als wij de onderneming van de Heeren
Gromski en Ford uit een practisch oogpunt beschouwen, dan komen wij
tot het besluit, dat zij in 't geheel niet te verwezenlijken is. Wij
bewonderen wel is waar den moed en de onverschrokkenheid van deze
mannen, maar tegelijkertijd bedroeft het treurige lot, waaraan zij
zich zelf onvoorzichtig blootstellen, ons in de hoogste mate. Vergeten
wij niet, dat stoutmoedigheid dikwijls aan roekeloosheid grenst en dat
zij somtijds niets anders dan onbedachtzaamheid is. Naar onze meening
zal er nog wel een geheele eeuw verloopen, voordat de mensch in staat
is om met behulp van zulk een broos voorwerp als een luchtballon de
ontoegankelijke Zuidpool te bereiken."
"Nu, dat is niet erg uitlokkend," mompelde Ford, toen hij dit artikel
gelezen had. "Wat mij betreft, ik weet wel, dat er moeilijkheden en
gevaren aan dien tocht zullen verbonden zijn; maar wat beteekenen
die? Als ze er niet aan verbonden waren, zou ik niet aan dezen tocht
naar de Zuidpool denken."
"Het is blijkbaar, dat de gevaren u verlokken," zeide Gromski met een
glimlach; "ik denk, dat er zich inderdaad verscheidene aan ons zullen
voordoen. Ik stem echter niet toe, dat zij in staat zijn om ons van
onzen weg af te brengen of dat zij geheel onoverkomelijk zijn. Wat
mij betreft, ik stel volkomen vertrouwen in mijn luchtballon."
"En ik stel vertrouwen in mij zelf en in het noodlot. Ik reken ook
op u, zooals vanzelf spreekt."
"Gelooven ze niet, dat men de Zuidpool met een luchtballon kan
bereiken? Gelooven ze dat niet?" zeide James, zich in het gesprek
mengende. "Dan zullen wij er hen van overtuigen, kapitein. Ik zweer,
dat ik niet zal terugwijken, dat ik liever daar ginds zal blijven;
vergeet dat niet, Mijnheer Gromski."
"Ik zal evenmin terugwijken," zei de ingenieur, terwijl hij de hand
van den stuurman drukte. "Wees er van verzekerd, ouwe jongen, dat ik
je niet in den steek zal laten."
Nadat onze helden elkander op deze wijze moed ingesproken hadden,
stelden zij hun vertrek niet langer uit. Reeds den volgenden dag, den
3den November 1894, verliet het stoomschip, waarop de luchtballon en
zijne aanstaande passagiers zich bevonden, de haven van New-York in de
richting van de zuidelijke kust van het groote vasteland van Amerika.