ART. IX.

"Dat dewijle tot den aenbouw van voorsz. Colonie mede ten hoogsten

nootsakelijck is, dat het getal der blancke Menschen aldaer, soo

veel en spoedigh mogelijck geaugmenteert werde; soo sal de Compagnie

besorgen, dat derwaerts uyt dese Landen soo veel Personen mogen werden

getransporteert, als de voorsz. Compagnie sal konnen en bequaem wesen

uyt te wercken.

Geschiedenis van Suriname · 第 59 / 86 题