DE BEIDE TALEN IN DEN ELZAS.

De afgevaardigden Kübler en Back hebben onlangs in den Duitschen

Rijksdag een paar moties ingediend, betrekking hebbend op het onderwijs

in het Fransch op de lagere scholen in den Elzas. Die moties hebben den

staatssecretaris Zorn von Bulach aanleiding gegeven tot de volgende

verklaring van de zijde der regeering: Ten eerste: De regeering wil

in geenen deel het onderwijs in de fransche taal tegengaan.

Ten tweede: De fransche taal moet beoefend worden in de lagere scholen

van de grensplaatsen, waar de bewoners onmiddellijk in aanraking

komen met hun fransche buren. De regeering heeft dit beginsel tot nu

toe hooggehouden, door aan het onderwijs in het Fransch op de lagere

scholen van die plaatsen den rang te gunnen, die door de plaatselijke

behoeften vereischt werd. Daarom wordt het Fransch onderwezen op 470

lagere scholen van het tweetalige gebied.

Ten derde: De regeering zou het verkeerd achten, het geheele land

als grensland te beschouwen in zake het onderwijs van het Fransch

op de lagere scholen; daarom kan ze de behoefte niet inzien aan dat

onderwijs buiten de grensstreek. Dat onderwijs zou niet anders dan

kwaad kunnen doen aan het algemeene onderwijs, door aan de leerlingen

een te zware taak op te leggen. Een kleine minderheid van de bevolking

heeft later het Fransch noodig in het practische leven, maar de plicht,

de belangen van die minderheid te behartigen, moet niet aan de lagere

school worden opgelegd, maar aan andere scholen. Daarom weigert de

regeering de hand te leenen tot de invoering van het Fransch op de

lagere scholen.

Ten vierde: De regeering erkent de noodzakelijkheid, aan meer

gevorderde leerlingen de gelegenheid te verschaffen, Fransch te

leeren op de openbare scholen, maar het moet worden gegeven op de

middelbare scholen en op de cursussen voor volwassenen, waaraan de

regeering haar steun blijft verleenen.

Op den Uitkijk, Jaargang 1909 Bijblad bij De Aarde en haar Volken · 第 236 / 353 题