Delft is een heel oude stad en dat oude karakter is goed bewaard
gebleven. Talrijk zijn de karakteristieke grachten met de vele soms
heel typische bruggetjes (pl. 62). Aan de Oude Delft, eveneens zoo’n
historisch grachtje, staat de Oude of St. Hypolituskerk, een bouwwerk
uit de Middeleeuwen reeds—er werd in de dertiende eeuw aan begonnen—de
toren van deze kerk staat een weinig scheef (pl. 98). Dat heele oude
Delft trouwens is als het ware een openlucht-museum, want talrijker dan
ergens anders zijn er de historische gebouwen: het museum Lambertus van
Meerten, het Oude- of Prinsenhof, het Gemeenelandshuis, welk laatste
gebouw ook al uit de zestiende eeuw stamt.
Bezienswaardig zijn ook het fraaie stadhuis en daartegenover de Nieuwe-
of Ursulakerk, waarin zich boven den Koninklijken grafkelder het
prachtige praalgraf bevindt van Prins Willem I, die op 10 Juli 1584 op
het Prinsenhof door Balthasar Gerards werd vermoord.
In de Oude kerk zijn ook praalgraven van beroemde mannen, van Piet Hein
en van Maarten Harpertsz. Tromp o.a.
Thans is Delft een belangrijke stad in de eerste plaats door het groote
aantal industrieën—de Nederlandsche Gist- en Spiritusfabriek is daar
wel de voornaamste van—en door de Technische Hoogeschool.
Delftsch aardewerk was vroeger zeer in trek en er waren derhalve veel
plateelbakkerijen; dat is echter een industrie die er thans niet meer
zoo bloeit.